Ons eerste kind
Vrolijk en lachend
Gaat hij door het leven.
Nimmer eens wachtend.
Als door 'n windhoos gedreven
Hij vlindert en ziet
Nog nergens gevaar
Onze zoon, hij geniet
En dat al elf jaar!
Van bommen, milieu
En steeds meer geweld
Denken wij soms: 'Mon Dieu
Wordt hij niet geveld?'
Is ons kind bestand
Tegen dreigend gevaar?
De aard ' valt bijkant
Toch haast uit elkaar?
Ach laat hem toch fijn
Nog heel lang zo leven
Hij is nog zo klein
Gaat hij door het leven.
Nimmer eens wachtend.
Als door 'n windhoos gedreven
Hij vlindert en ziet
Nog nergens gevaar
Onze zoon, hij geniet
En dat al elf jaar!
Van bommen, milieu
En steeds meer geweld
Denken wij soms: 'Mon Dieu
Wordt hij niet geveld?'
Is ons kind bestand
Tegen dreigend gevaar?
De aard ' valt bijkant
Toch haast uit elkaar?
Ach laat hem toch fijn
Nog heel lang zo leven
Hij is nog zo klein
En dat duurt maar even...
Dit is het derde gedicht in deze rubriek. In het kader van Nationale Gedichtendag eerder dit jaar deed de redactie een oproep gedichten in te zenden. Er kwamen veel gedichten binnen, waaruit wij een eerste selectie hebben gemaakt.
Dit is het derde gedicht in deze rubriek. In het kader van Nationale Gedichtendag eerder dit jaar deed de redactie een oproep gedichten in te zenden. Er kwamen veel gedichten binnen, waaruit wij een eerste selectie hebben gemaakt.
0 reactie(s):
Een reactie plaatsen